Miljoenen mensen besmet met giftig kwik gebruikt in mijnen

Door Jonathan Janssens

Wereldwijd werken er naar schatting 15 miljoen mensen in kleinschalige goudwinning. De toenemende armoede op het platteland en de (dalende maar nog steeds hoge) goudprijzen zorgen ervoor dat ook steeds meer vrouwen en kinderen in deze ongezonde en gevaarlijke sector terechtkomen.

Kwik wordt veel gebruikt door de mijnwerkers omdat het bindt met goud, waardoor het gemakkelijker kan worden gescheiden van het erts. Op die manier wordt er wereldwijd in talloze mijnen aan artisanale mijnbouw gedaan, voornamelijk op het platteland. 

Brandon Nichols, doctoraatstudent aan de universiteit van British Columbia, doet onderzoek naar het kwikgebruik bij goudontginning in Latijns Amerika. Tijdens zijn bezoeken aan kleinschalige goudontginningen in Ecuador zag hij schrijnende taferelen: "Elke vierkante meter van de werkplaats is bedekt met kwik; de wanden, de vloer en ook de mensen die er werken".

Kleinschalige goudwinning is vandaag de grootste bron van kwikvervuiling in de wereld. Het zijn vooral mensen op het platteland in arme landen in Zuid-Amerika, Azië en Afrika die hiertoe hun toevlucht zoeken.

De onzichtbare giftige gassen die vrijkomen wanneer de arbeiders het kwik 'afbranden' om het goud vrij te maken uit het amalgaam vormt een zeer groot risico voor de gezondheid. Directe en indirecte blootstelling, vooral bij het nuttigen van vis die gevangen wordt in de gebieden waar ze goud winnen, zorgen voor symptomen zoals verminderde voortplanting, schade aan het zenuwstelsel en afwijkende groei.

"Economische realiteit primeert op bezorgdheden voor gezondheid en milieu"

Tijdens het derde Internationale Seminarie van CATAPA in 2012, aanschouwden enkele Catapistas deze problematiek met eigen ogen. Hieronder een getuigenis van David Verstockt:

"Het was een trieste realiteit die we mochten aanschouwen. Werkomstandigheden die alle normen negeren; mannen die kwik verbranden zonder mondmasker, open vaten met resten cyanide... De president van de mijnbouwersvereniging die ons gidste verdedigde zijn sector echter met hand en tand. Ook toen we hem wezen op de grote berg mijnafval die zonder enige bescherming naast het dorp lag, vervuild met heel wat zware metalen. Bij de minste regenval lopen de met zandzakken geconstrueerde dijken ongetwijfeld over, rampzalig voor de lagergelegen dorpen. Maar ook hier herhaalde de man steeds dezelfde dogma’s; “de overheid is tegens ons”, “er zijn geen alternatieven”, “er is geen vervuiling, de overheid gebruikt dit excuus om grootschalige mijnbouwprojecten in te plannen”... Hij benadrukte steeds de economische realiteit, iets wat volgens hem primeert op onze ernstige bezorgdheden voor gezondheid en milieu. Het viel echter op dat dit een spookdorp is. Alle inwoners zijn economische migranten die hopen dat ene duur stukje grond te vinden. Het is een kleine gemeenschap in een bijzonder vruchtbare streek, die hun ogen sluiten voor alle mogelijke alternatieven en zich liever vasthouden aan een klein sprankeltje hoop."

Lees hier het volledige artikel van David: Mijnbouw in Ecuador, een oud en een nieuw verhaal.

Het mag duidelijk zijn dat, hoewel artisanale mijnbouw op korte termijn voor velen een noodoplossing is om een inkomen te verwerven, ongecontroleerde kleinschalige mijnbouw geen toekomstperspectieven biedt aan de regio's waar het plaatsvindt. Net als bij grootschalige mijnbouwprojecten blijft na het uitputten van de mijnen enkel een arme, door ziektes getroffen gemeenschap achter, met een teveel aan laaggeschoolde werkkrachten, in een sterk vervuilde omgeving.